In praktijk
Samen voor maar één belang: het jonge kind
Elk kind verdient een vlekkeloze start in het
basisonderwijs. Dat is het uitgangspunt van een
bijzondere samenwerking tussen álle
kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en
basisscholen in de gemeente Maasgouw.
De ruim
honderd professionals wisselen hun kennis en
ervaringen uit en ondersteunen elkaar op vele
terreinen. Bijvoorbeeld rond het vroegtijdig
signaleren, communiceren over doorgaande lijnen, en
samen werken aan ontwikkelingsachterstanden. Alles
met maar één doel: een vloeiende, succesvolle
ontwikkeling van kinderen van twee tot zes jaar.
Kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en basisscholen in Maasgouw slaan handen ineen
Ouders willen maar één ding: het beste voor hun kind. Bij de kinderopvang of peuterspeelzaal moet hun peuter een veilige basis en een stimulerende speelomgeving krijgen. Als kinderen goed in hun vel zitten kunnen ze zich spelenderwijs ontwikkelen tot een kleuter die een goede start kan maken op de basisschool. En wanneer die ontwikkeling onderweg ergens stokt, willen ouders dat natuurlijk zo snel mogelijk weten en de goede begeleiding krijgen.
De voor- en vroegschoolse educatie kan dus niet
goed genoeg zijn. De gemeente Maasgouw onderstreept
dat belang met een bijzonder samenwerkingstraject
voor alle professionals in de kinderopvang, de
peuterspeelzalen en de basisschoolgroepen 1 en 2.
Bij elkaar 105 pedagogisch medewerkers en
leerkrachten. Onder deskundige begeleiding van BCO
onderwijsadvies uit Venlo delen zij hun expertise in
de zorg en ontwikkeling van kinderen van twee tot
zes jaar. Maasgouw is de tweede gemeente in
Midden-Limburg die deze samenwerking op zo’n brede
schaal stimuleert. “Die kruisbestuiving vinden wij
enorm belangrijk. Een kind dat zich goed ontwikkelt
en een goede start maakt op de basisschool heeft
daar de rest van zijn leven profijt van. Logisch dus
dat wij daar nauw betrokken bij zijn en in
investeren”, zegt onderwijswethouder Jessie
Smeets-Palmen.
Van elkaar leren
De 68 medewerkers van de
peuterspeelzalen en kinderdagverblijven in Maasgouw
gingen onlangs als eerste met elkaar in gesprek. De
37 onderbouwleerkrachten van de basisscholen
schuiven in januari aan. Projectleider Gemmie
Derksen van BCO: “De samenwerking levert nieuwe
kennis en inzichten op over voor- en vroegschoolse
educatie. Professionals stellen zich kwetsbaar op en
leren van elkaar. Ze vertellen bijvoorbeeld over hun
visie op spel en taalontwikkeling, de manier van
observeren en registreren, het vroegtijdig
signaleren van ontwikkelingsachterstanden, de
onderlinge overdracht van informatie en de
communicatie met ouders. Dat laatste is een
belangrijk onderdeel. Of je nou in een
kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of op de
basisschool werkt, je hebt te maken met ouders. Die
wil je goed en vertrouwelijk informeren en meenemen
in het ontwikkelingstraject van hun kind.” De deelnemers aan het samenwerkingstraject reageren enthousiast. Pollie Kaal, pedagogisch medewerker van peuterspeelzaal De Krielkes in Maasbracht-Beek (die al nauw samenwerkt met basisschool De Tweesprong in wiens gebouw ze ook gehuisvest zijn) : “Het is heel goed om stil te staan bij waar de ander mee bezig is. Wat bied je de kinderen aan? Hoe communiceer je met ouders? En hoe ga je om met verschillen in de ontwikkeling van kinderen? Één kind met een ontwikkelingsachterstand kan al een enorme impact hebben op de hele groep. Door met elkaar te praten, krijg je veel meer inzicht in elkaars werk. Een kinderdagverblijf richt zich bijvoorbeeld niet alleen op de verzorging, maar ook weldegelijk op de ontwikkeling van het jonge kind.”
“Klopt helemaal”, zegt Sonja Oitmann van kinderopvang Robbedoes in Heel. Volgens haar valt er nog het nodige te winnen in de overdracht van informatie tussen kinderopvang en basisschool. “Als wij signaleren dat een kind achterblijft in zijn ontwikkeling, bespreken we dat eerst binnen ons team en vervolgens met de ouders. Het kind krijgt dan de extra aandacht die het nodig heeft. Op dit moment dragen kinderdagverblijven dit soort belangrijke informatie vaak nog niet over aan de basisschool. Voor een soepele overgang naar het basisonderwijs zou dat eigenlijk altijd moeten gebeuren.”
Kansen
Gerry Haagmans, leerkracht groep 1-2 van basisschool Triangel in Linne heeft de indruk dat ook in Maasgouw het aantal kinderen met een ontwikkelingsachterstand toeneemt. “De sociale problematiek van kinderen kan heel divers zijn. Het is belangrijk om een achterstand vroegtijdig te signaleren. Door de afstand tussen de kinderopvang/peuterspeelzaal en de basisschool te overbruggen kunnen de professionals samen in gesprek gaan, over de zorg en behoefte die elke leerling (nodig) heeft.”Het project dat officieel tot december 2011 duurt, moet leiden tot een blijvende samenwerking tussen kinderdagcentra, peuterspeelzalen en basisscholen in Maasgouw. Projectleider Gemmie Derksen: “De samenwerkingspartners gaan volgend jaar in clusters hun eigen plan opstellen. Daarin staat alles wat een cluster nodig heeft en gezamenlijk wil oppakken. Denk bijvoorbeeld aan extra scholing rond een bepaald thema, een betere overdracht van informatie of een intensiever contact met ouders. Voor elk cluster kunnen de wensen weer anders zijn. Het is dus maatwerk. Alles in het belang van kinderen van twee tot zes jaar. De kracht van dit traject is dat we in kansen denken, niet in bedreigingen.”
Meer informatie : Har Palmen (De Tweesprong)